GOUD!

Het is al weer even geleden dat ik nog eens een ritverslag geschreven heb. Ik kan me nog herinneren dat het af en toe echt zoeken was naar íets interessants om over te schrijven. Sommige zondagochtendritten kunnen nu eenmaal behoorlijk standaard verlopen, waardoor het groeien van het gras langs de kant van de weg zelfs het vermelden waard wordt. Maar…………..soms gebeurt er weer zoveel tegelijk dat er wel een boek vol over geschreven kan worden. Gisteren (zondag) was weer eens zo’n dag.

 

Het begon al aan de start met de stoere verhalen over de heroïsche Oesterdamtocht van vorige week. Deze moet kennelijk zó gezellig geweest zijn, dat je er haast spijt van krijgt dat je jezelf ook niet zeiknat hebt laten regenen die dag. Verhalen over paardenallergieën, boze horeca medewerksters, watervaste vloeren en een opbloeiende relatie tussen twee leden in de bus. Zullen we er ooit achter komen waar Carlien zo misselijk van geworden was? Uit ervaring weten we natuurlijk dat het in de praktijk allemaal wel meegevallen zal zijn, maar ook als de helft maar waar is, dan moet er toch heel wat afgelachen zijn die dag.

 

Statistisch gezien zou de week daarop dan een stuk saaier moeten zijn, maar niets is minder waar. Ronald werd ’s morgens vroeg al ‘uitgetoeterd’ door Liliane die bij het voetbalkamp ging werken, hetgeen hem op de opmerking kwam te staan, dat ie deze keer dan eens échte kopbeurten moest maken. En ondanks de strenge woorden van Paul Janssen over het weigeren van tijdritstuurtjes in het peloton, kwamen er natuurlijk toch weer een paar dislectische leden met zo’n ding aanzetten. Ik heb gepoogd hier op vreedzame manier iets van te zeggen maar het antwoord was kort en bondig: “Wat een kutfietsclub die met 60 leden nog geen 12 man bereid kan vinden om een ploegentijdrit te rijden! Knappe jongen die mij mij wegstuurt”! (woordspeling). Ik heb het er wijselijk maar bij gelaten. Deze moet het bestuur (woordspeling) maar oplossen

 

Tot aan Ulvenhout niets te melden, maar plotseling reed ze daar……..! Een blonde fietster met een figuurtje dat in het peloton alle rode bloedlichaampjes uit de spierweefsels naar een centrale plek in het lichaam stuwde. Wij sloegen geobsedeerd door deze aanblik rechtsaf richting Bavel, en het arme meisje had geen andere keus dan mee te draaien in de greep van deze bronstige groep holbewoners op een racefiets. Met wat treuzelen en manoevreren kreeg ik het ook nog voor elkaar dat ze wel naast mij moest komen rijden. Uiteraard deed ik dat niet uit eigenbelang, maar ik wilde haar behoeden voor een vervelende rit naast een van de (vele) minder gesofisticeerde heren in de groep.

Het kostte even wat tijd om al mijn moed te verzamelen maar uiteindelijk vroeg ik haar om het ijs wat te breken waarom ze zoveel kleren aan had. Het antwoord was heel praktisch: Ze was al om half zeven vertrokken en toen was het nog een beetje koud. En waarom dan zo vroeg? Wel, dan zou ze al weer terug zijn voordat haar man en kinderen wakker waren. Twee keer een minpunt. Een man en kinderen in het spel. Dat antwoord viel natuurlijk even tegen, maar na een korte stilte was ik weer hersteld. Ze kwam uit Dorst en ze had nog wel tijd om een stukje verder met ons mee te rijden. Ze had vroeger wedstrijden gefietst maar was sinds een paar weken weer heropgestapt. Haar mooie Look(s) had ze bij Rullens in Made gekocht. Mét electrisch schakelen, dus dat schepte meteen een band. En zo hebben we nog een hele tijd over koetjes en kalfjes gesproken (vanwege de paardenallergie). In Molenschot heb ik haar wederom als een heer links voor laten sorteren en daar heeft ze onze groep verlaten. Als ze weg is, dan durven de meesten weer te praten, dus het commentaar was niet van de lucht. Op het terras van ‘t Knooppunt werd mij nog eens haarfijn uitgelegd dat als je na een half uur nog niet het woord ‘neuken’ in de mond genomen hebt, dat vrouwen dan ongeduldig worden en denken dat je homo of impotent bent. Dit zou de reden zijn dat ze afgeslaan is. Een goede tip, maar wel wat laat om hier pas achter te komen na je 53e verjaardag, Affijn, laat het een wijze les zijn voor de komende 40 jaar.

Na het vertrek van blonde Dolly konden we ons weer op fietsen concentreren. De trend van de laatste weken is kennelijk dat je zo laat mogelijk in de koers aansluit om daarna met veel overmacht de finale in te kunnen gaan. Ook dit keer werden zo her en der nog wat uitslapers opgepikt. De rest van Nederland had niet uitgeslapen en was op het idee gekomen om met allerlei vervoersmiddelen op ons parcours rondjes te gaan rijden. Tot diep in de finale werden we lastig gevallen. Auto’s tractoren, fietsgroepen, noem het maar op; alles reed of stond in de weg. Desondanks bereikten we in recordtempo de Goudbergweg alwaar onze Apache helikopter piloot Jerommeke, Bas van Giessel liet zien dat hij ook als een JSF straaljager kan versnellen. Chapeau!

Paul en Wilbert waren dit keer de gelukkigen die met Carlien mee naar huis mochten. De rest droop vermoeid af naar ’t Knooppunt. Hier kwam het onderwerp paardenallergie weer ter sprake. Ik hoorde Kubus tenminste regelmatig over een Shetlander praten. Onze Tonnie die weer langzaam aan het terugkomen is (slechts drie demarages in de finale vandaag) had eerder die dag zijn momentje al gehad. Zijn Jorindake kwam ons in een ander fietsgroepje tegemoet en zelfs na 25 jaar huwelijk zwaaiden en riepen ze naar elkaar als twee verliefde pubers. Kennelijk was dat een of ander teken wat ze samen af hadden gesproken om aan te geven hoe ze de zondagmiddag zouden gaan doorbrengen, want Tonnie was één brok ’ testosteron . Zijn cécémelleke hield hij al gauw voor gezien. Bier moest het worden voor tanige Tonnie! Weliswaar een Radler 0.0 maar met het etiket van zich afgedraaid was het voor Tonnie net echt. Na twee Radlers begon hij al wat aangeschoten te raken, en toen Kubus hem nog dwong om een derde te drinken, raakte hij tegen het zatte aan. Hij werd steeds brutaler en leuker. Zoveel onzin op een vierkante meter hebben we nog niet vaak gehoord van een niet-Marinus. Maar wel gezellig dus. Waarom zou je ook naar huis toe gaan. De Giro was op vrijdag al afgelopen en bij Red Bull was Jos Verstappen kennelijk weer achter het stuur gekropen.

Na 4 donkere Leffe’s toch  de helm maar weer opgezet en voorzichtig met Raymond en Kubus naar huis gepeddeld. Het was in deze laatste kilometers van de dag dat Kubus het legendarische en terechte oordeel over deze ochtend uitsprak: “GOUD” !

Deze inhoud is beschermd voor alleen site leden. Log in indien je een bestaande gebruiker bent. Nieuwe gebruikers kunnen hieronder registreren.

Aanmelden voor bestaande gebruikers
   
Nieuwe gebruiker
*Verplicht veld

Reacties zijn gesloten.